De Sassenheimse Tennis Vereniging werd opgericht in januari 1950. Het dorp Sassenheim was in die tijd nog een typisch "bollendorp" met een bescheiden aantal inwoners. Het merendeel waren oorspronkelijke bewoners. Veel invloeden van buiten waren er toen nog niet, met uitzondering wellicht van werknemers van Sikkens, de enige echte grote industriële onderneming die toen in Sassenheim was gevestigd. De bevolking leefde in die dagen nog vooral van alles wat met de bollencultuur te maken had.
In die situatie kreeg men er kennelijk behoefte aan om in clubverband in Sassenheim de tennissport te gaan beoefenen. Dus werd er een tennisclub opgericht, die haar plaats kreeg te midden van de bestaande sportverenigingen, Ter Leede , Teijlingen en TOP. Maar toch niet helemaal "te midden", want tennis was in die dagen vooral een sport voor de "happy few", dus een beetje ter zijde. De Nederlandse tennishorizon was smal en werd beheerst door enkele sterke verenigingen uit Amsterdam, Den Haag, Hilversum, Eindhoven, Rotterdam en Apeldoorn. De top werd eind jaren veertig en begin jaren vijftig afwisselend aangevoerd door HLTC Leimonias en ALTC DDV. Topspelers waren in die tijd bij de dames o.a. Rollin Couquerque, Blaisse-Terwindt, Hermsen, Roos van der Wal en bij de heren o.a. Van Swol, Wilton, Rinkel, Krijt. De competitie werd alleen met gemengde teams gespeeld op Zaterdag en op Zondag.
In dit tennismilieu werd de Sassenheimse Tennis Vereniging opgericht. Dat wil zeggen op initiatief van Dick de Rijke werden er door de gemeente vier tennisbanen aangelegd, waarop de pas opgerichte tennisvereniging op twee banen mocht spelen. Op de andere twee banen speelde de toen eveneens opgerichte RK tennisvereniging Teijlingen. Dat ging als volgt; in de eerste maand van het seizoen speelde STV op baan 1 en 2 en Teijlingen op baan 3 en 4. De volgende maand werd er gewisseld en zo verder. Beide verenigingen startten ieder met ca 35 leden. De ambitie van de vereniging ging niet verder dan het bieden van tennismogelijkheden voor een kleine groep liefhebbers. Dat is zo gebleven in de jaren vijftig. Toenemende welvaart betekende meer leden, die nog steeds uit dezelfde maatschappelijke kringen kwamen. Het ging STV, inmiddels onder voorzitterschap van Jan van Overbeeke dus redelijk goed. Het aantal leden was eind jaren vijftig ongeveer gestegen tot 70
Dan breken de jaren zestig aan. Ongetwijfeld was het vieren van het tweede lustrum in het jaar 1960 de eerste opvallende gebeurtenis in het bestaan van onze vereniging. Maar er gebeurde in 1962 nog iets opmerkelijks. Renee van Elburg, voorzitter van onze vereniging, wist de Sassenheimse gemeenschap maar meer in het bijzonder de Pastoor er van te overtuigen dat twee tennisverenigingen te veel van het goede was. Er kwam zowaar een fusie tot stand waardoor Teijlingen opging in STV. Er waren op dat moment ongeveer 130 leden.
Maatschappelijk gebeurde er in dat decennium ook van alles. Begin jaren zestig maakte Nederland voor het eerst kennis met het fenomeen loonexplosie en volledige werkgelegenheid. Die ontwikkeling, en later de vondst van aardgas, gaf de welvaart in Nederland een geweldige impuls. Dat uitte zich in meer vrij besteedbaar inkomen en vrije tijd. De behoefte van de Nederlanders om naar andere woongebieden te zoeken nam toe en dat hield in dat kleinere gemeenten in de positie kwamen om in die behoefte te voorzien. Dat gold ook voor Sassenheim en in die periode werden er dan ook nieuwe woonwijken gebouwd in ons dorp. Dat bracht de komst van een nieuw type Sassenheimer met zich mee, en die bleek graag te tennissen. STV had er dus baat bij. Door in te spelen op de wensen van die nieuwe leden kreeg het recreatieve aspect wat meer nadruk. Ook zien wij in de jaren zestig de eerste jeugdleden komen. De vereniging was in de afgelopen tien jaar bijna verdubbeld tot ca. 240 leden.
De jaren zeventig breken aan. De bomen lijken tot in de hemel te groeien. De vereniging viert uiteraard in januari 1970 haar vierde lustrum in haar oude vertrouwde kantine. Maar de toestroom van leden was van dien aard dat het bestuur, weer onder voorzitter Jan van Overbeeke, voorzichtig dacht aan een nieuwe behuizing op het bestaande tennispark. Eind 1972 begint dit idee vaste vorm te krijgen. Er komt een bouwcommissie onder voorzitterschap van de heer Petit die het mooie ontwerp van het nieuwe clubhuis verder gestalte geeft. De financiering werd creatief opgelost. STV beschikte over eigen middelen , maar te weinig om een lening bij een bank te kunnen regelen. Om dat probleem op te lossen schreef het bestuur een obligatielening uit welke geheel geplaatst werd bij de leden. Het restant moest gefinancierd worden met een overheidssubsidie, waarvan Nlg. 20.000,-- (€ 9.075,61) werd gevraagd aan de gemeente Sassenheim. Bovendien werd aan de gemeente een garantie op de lening bij de bank gevraagd. Dat leverde een verbazingwekkende discussie op in de gemeenteraad. De gedachte was dat tennis een elite sport was. Het verstrekken van een subsidie diende dus geen breed maatschappelijk belang. Gelukkig heeft burgemeester Knobelsdorff partijen op andere gedachten gebracht. Het nieuwe clubgebouw werd gebouwd, overigens grotendeels door de leden zelf, en daar werd in 1975 het vijf en twintig jarig bestaan van onze vereniging gevierd.
Ondanks dat het zware economische jaren waren nam de belangstelling voor tennis nog steeds toe en dat had ook effect op de ontwikkeling van onze vereniging. Eind jaren zeventig telde de vereniging ongeveer 500 leden.
De jaren tachtig kondigen zich aan. Een nieuw fenomeen ontstaat de "vervroegde uittreder". Zij moeten plaats maken voor de jongeren. Deze vutters hebben veel vrije tijd en ook geld. Dit geeft opnieuw een impuls aan het verenigingsleven en dat heeft ook zijn effecten op de tennissport. STV onder voorzitter Arthur Karl, die begin 1980 Bill Schuckink-Kool is opgevolgd, profiteert er ook van. Tennis wordt een sport die in een steeds bredere kring wordt beoefend. Dat heeft zijn invloed op het karakter van onze vereniging. Om het aantal tennissers ruim de gelegenheid te geven om te kunnen spelen worden de speeltijden zomers verlengd door het aanleggen van kunstlicht naast de banen. Dat komt tegen het einde van de jaren tachtig, door de inspanningen van de inmiddels aangetreden voorzitter Wim van Beek tot stand. Bovendien wordt er in de winter steeds meer gebruik gemaakt van diverse overdekte banen in de omgeving. Daardoor is tennis steeds minder een aan de zomer gebonden sport. De groei van het aantal leden is nog steeds aanzienlijk. Eind jaren tachtig telde de vereniging ca. 700 leden.
Dan vangen de laatste tien jaar van de twintigste eeuw aan. Naar het schijnt geen wolkje aan de lucht. Het herstel zet door en de hele wereld lijkt zich alleen nog bezig te houden met het bereiken van het magische jaar 2000.
In deze jaren nemen consumptie van goederen en diensten met name het toerisme en de recreatie grote vlucht. Deze ontwikkelingen raken ook onze tennisvereniging. Wij groeien in dit decennium naar een club van 900 leden. Om dit aantal te kunnen accommoderen werd baan negen aangelegd en de verlichting uitgebreid.
Inmiddels zijn we voorbij het magische jaar 2000 geschoven. De euro heeft zijn intrede gedaan en Arthur Volten heeft in 2006 de voorzittershamer van Dick van de Ploeg overgenomen, die 10 jaar het voorzitterschap op zich heeft genomen. In hetzelfde jaar ziet de vereniging zich geconfronteerd met een vervelende kwestie. Het clubhuis wat met eigen geld en middelen door de leden is betaald en gedeeltelijk gebouwd zou geen eigendom van de vereniging zijn doordat het recht van opstal in 1972/ 1973 niet goed geregeld is. Het bestuur opent de jacht op het eigendom en ziet zich daarin gesteund door de net nieuw opgerichte Teylinger en een aantal politieke partijen.
In dit jaar vindt er in tennisland nog een fenomeen plaats wat de tennis bond nog nooit heeft meegemaakt: het aantal leden neemt voor het eerst in jaren af. Gelukkig blijft STV hier nog van verschoont.
Het jaar 2007 is net begonnen als de onderhandelingen met de gemeente Teylingen met betrekking tot het eigendomsrecht van het clubhuis worden afgerond. De gemeente geeft ons niet helemaal de zin, maar zegt toe dat als STV niet uitgeplaatst word het eigendomsrecht direct geregeld wordt.